Dioxinen

Dioxinen, ‘polychloordibenzodioxinen (PCDD)’ en ‘polychloordibenzofuranen (PCDF)’ zijn twee groepen van cyclische, vlakke, aromatische verbindingen waaraan chlooratomen zijn gebonden. Er bestaan in totaal 210 varianten, waarvan 2,3,7,8-tetrachloordibenzodioxine (TCDD) de meest bekende en meest toxische vertegenwoordiger is. Alle zogenaamde ‘2,3,7,8 gesubsidieerde’ varianten (17 in totaal) zijn uiterst giftig en daarom worden juist deze 17 in monsters geanalyseerd. Naast de dioxinen is ook een aantal PCB’s, ‘polychloorbifenylen’, van belang. Het gaat hierbij om de co-planaire PCB’s (3 in totaal) waarvan 3,3’,4,4’,5-pentachloorbifenyl (PCB-126) de belangrijkste vertegenwoordiger is. Dioxinen worden gevormd door verhitting onder zuurstofarme condities van chloorhoudende verbindingen. De meeste dioxinen worden gevormd bij de verbranding van organisch materiaal in aanwezigheid van chloor (o.a. uit keukenzout), als er niet genoeg zuurstof aanwezig is. Bij voldoende zuurstof en/of een hoge verbrandingstemperatuur ontstaan geen dioxinen. Dioxinen kunnen ook in de natuur gevormd worden door zogenaamde witrot-schimmels. Dit zijn schimmels die op dood hout groeien en witte kolonies vormen. Uit lignine (houtstof) kunnen door de schimmel dioxines gemaakt worden. Ook via verbranding van hout kunnen dioxinen ontstaan, bijvoorbeeld in niet goed geventileerde open haarden en bij bosbranden. Dioxinen komen voornamelijk voor in dierlijke vetten en in veel mindere mate in groenten, fruit en granen. De grootste bijdrage aan de totale inname van dioxinen leveren achtereenvolgens zuivelproducten (39%), vlees en pluimvee (20%), eieren (4%) en vis (2%). Overige levensmiddelen dragen voor 35% bij aan de totale inname.

Inschrijven voor de nieuwsbrief